Visser Riekelt (21) viel van boord en dreef drie uur op Noordzee

advertentie

DEN HELDER – De 21-jarige visser Riekelt hield in de nacht van maandag op dinsdag de wacht op viskotter WR189, toen hij plotsklaps overboord sloeg. Hij moest zich bijna drie uur op eigen kracht, op zo’n 166 kilometer voor de kust van Den Helder, zien te redden. Aan onze nieuwspartner NH Nieuws vertelt hij nu zijn verhaal.

Riekelt hield de wacht in de stuurhut van het visserkot Wieringer 189, bijgenaamd ‘Grietje’. Alle andere bemanningsleden lagen in hun bed. Toen Riekelt even wilde gaan plassen stootte hij zijn voet, waarna hij uitgleed en overboord sloeg. 

De Noordzee was koud en donker, maar Riekelt ‘bleef continu positief’, vertelt hij aan NH Nieuws. Hij bleef tegen zichzelf praten en liedjes zingen. “Dit kun je niet maken voor je vader en moeder”, is één van de gedachten waardoor hij het hoofd boven water wist te houden.

Lees ook: Overboord geslagen visser gered uit Noordzee

Eerst heeft Riekelt een half uur aan het visnet van zijn kotter gehangen, maar de touwen waren te vet om vast te blijven houden. Hij probeerde  door te roepen de aandacht van andere schepen te trekken. Eerst leek dit tevergeefs, maar uiteindelijk klonken er twee toeters op de Wieringer 189. Toen wist Riekelt dat er alarm was geslagen.

‘Ik kreeg rare gedachten’
Terwijl Riekelt de positieve gedachten bleef herhalen tegen zichzelf, trok er langzaam mist over de golven van de zee. “Toen zakte de moed in de schoenen”, vertelt hij. “Van het hijgen werd mijn zicht ook steeds slechter, wazig. Ik kreeg rare gedachten. Ik moest continu tegen mijn eigen blijven praten, continu blijven watertrappelen.” 

Riekelt voelde dat hij steeds meer afzwakte. “Het moest nu snel gebeuren. Ik kon het niet tot het licht volhouden.” 

Zak Haribo en een kop thee
Twee felle lampen schenen plots in Riekelt zijn gezicht. De stemmen van twee van zijn vrienden schalde door de nacht: “Riekelt!”. Het waren Kees en Willem van de Wieringer 20. Daar werd Riekelt, na twee uur en drie kwartier in het water te hebben gelegen, aan dek gehesen. Op het kot zakte Riekelt door zijn knieën. “Dan pas kun je toegeven aan je pijn en narigheid.”

In de kombuis werden alle natte kleren van Riekelt uitgetrokken en werd er een warmtedeken over hem heen gelegd. Zijn lichaamstemperatuur schommelde tussen de 32 en 33 graden. Een reddingsboot van de KNRM was onderweg om Riekelt uit de mist te varen, waarna een helikopter hem naar het ziekenhuis vloog. Maar na een kop thee en een zak Haribo kon Riekelt, naar eigen zeggen, ‘wel weer een peukie roken’. “Ik was weer zo fit als een hoentje.”

Saamhorigheid in de visserij
Nu, twee dagen later, kijkt Riekelt terug op de uren dat hij op de open zee dreef. Hij beseft nu dat hij ‘dolgelukkig’ is in de visserij. “Als we aan het vissen zijn, gunt niemand elkaar wat”, legt hij uit. “Maar hierdoor merk je de saamhorigheid in de visserij. Iedereen was onderweg”, prijst Riekelt zijn collega’s. Hij spreekt zijn lof uit voor alle bemanning op iedere viskotter. “Ik krijg er wel kippenvel van.”

advertentie