Megastallen boerderijen van de toekomst?

advertentie

Plaats voor 100 koeien in hypermoderne stal te Lutjewinkel (foto Kees Zwaan)

In haar t.v. programma ‘De ambassadeurs’ ging Floortje Dessing op bezoek bij de Nederlandse ambassadrice in Iran, Susanna Terstal. Samen brachten zij (gehoofddoekt) een bezoek aan een megastal met 13.000 koeien van Nederlandse origine die gemolken werden met Nederlandse melkmachines.

De ‘boer’ in net kostuum vertelde trots dat zijn bedrijf (met een productie van 235.000 liter melk per dag) de boerderij van de toekomst zou zijn. De dames stonden wat beteuterd rond te kijken tussen die duizenden koeien. Terstal benadrukte dat Nederland afwijzend staat tegenover zulke grote veebedrijven. ‘Er kan van alles misgaan’ aldus de ambassadrice.

Een melkveebedrijf met een paar honderd koeien geldt in Nederland al als bijzonder groot. Maar wat te denken van een melkveebedrijf met 105.000 rasechte Fries-Hollandse runderen in de onvruchtbare woestijn van Saoedi-Arabië? Een tot in details doorgevoerde wetenschappelijk-technologische aanpak op een plek waar van nature nauwelijks iets groeit. Naast het bedrijf liggen grote arealen alfalfa en mais, waarvan de oogst het hele jaar door plaatsvindt en als veevoeder wordt gebruikt. De gewassen worden voortdurend besproeid. Het waterverbruik is dan ook gigantisch. Iedere koe heeft per dag zo’n 150 liter water nodig. Enkele keren per dag gaan de dieren onder een verkoelende douche, want de temperatuur kan in de woestijn oplopen tot rond de 40 graden Celsius. Al het benodigde water wordt vanuit een diepte van enkele honderden meters opgepompt en zo onttrokken aan het grondwater. Het brandstofverbruik is door de uitgebreide machinerie (tractoren en vrachtwagens) schrikbarend hoog. Er wordt 11.000 ton kunstmest per jaar op het akkerland gebracht. Je kunt het een gemengd bedrijf noemen.

Enige tijd geleden presenteerde een agrarische ondernemer in Lutjewinkel zijn nieuwe ligboxenstal. Het splinternieuwe gebouw biedt ruimte aan zo’n 100 melkkoeien. Allerlei technologische hoogstandjes maken het werk van de veehouder makkelijker en zorgen voor een hogere productie van melk. Zo is er een automatisch mestafvoer- systeem dat met een schuif de mest naar een verder gelegen put afvoert. De urine, vermengd met een hoeveelheid dunnere ontlasting wordt met een ingenieus drainagesysteem via de betonvloer onmiddellijk afgevoerd naar een kelder onder het gebouw. Hierdoor wordt uitstoot van ammoniak voorkomen. Een ‘voeraanschuifrobot’ zorgt ervoor dat het kuilgras zo komt te liggen dat de koe ervan kan eten. De hele inrichting is up-to-date. Een grote koeltank voor de opslag van melk completeert het geheel. De warmte die door het koelen van de melk vrijkomt zou zelfs gebruikt kunnen worden voor de verwarming van een woning.

Sommige wetenschappers noemen industriële megastallen tikkende tijdbommen. Het is niet de vraag óf het mis zal gaan, maar wanneer het mis zal gaan. Waar ambassadrice Terstal op doelde is de enorme uitstoot van CO2 en methaangas door zulke bedrijven, het grote mestprobleem én de kans op zoönose (ziekten die dieren op mensen kunnen overbrengen). Een voorbeeld is de Q-koorts van enige jaren geleden. Dergelijke epidemieën zijn heel goed mogelijk. Bovendien is het preventieve gebruik van antibiotica nog steeds normaal in de veehouderij. Hierdoor ontstaan resistente bacteriën die moeilijk te bestrijden zijn. Niet voor niets krijgen varkenshouders een speciale ontvangst in het ziekenhuis omdat zij meestal de beruchte MRSA bacterie met zich meedragen.

Kringloop
Industriële veehouderijen putten de aarde uit en zullen tenslotte verdwijnen. Dat is onontkoombaar. Bij minister Carola Schouten van Landbouw is dat inzicht doorgedrongen. Zij pleit voor ‘kringlooplandbouw’. Dat is een manier van ‘boeren’ die rekening houdt met de draagkracht van de natuur. Het oppompen van water uit grote diepte, het gebruik van grote hoeveelheden kunstmest en het importeren van veevoeder uit verafgelegen gebieden passen niet bij natuurvriendelijk boeren. De kringloop- of biologische boer is nagenoeg ‘selfsupporting’ en koopt geen kunstmest. Hij gebruikt gewoon de poep van zijn koeien. Bovendien onthoudt hij zich van stalontsmetting met pesticiden en gebruikt geen ‘Roundup’. Hij weet dat hij het tere biologische evenwicht in de natuur niet mag verstoren. De toekomst is niet aan de industriële veehouderij maar aan de ‘kringloopboer’. Schouten heeft verstandige dingen gezegd maar moet ook nog bedenken hoe ze dat in de praktijk gaat brengen. Hopelijk blijft het niet alleen bij woorden…

Kees Zwaan
Hollands Kroon

advertentie