Landarbeiders krijgen woningen in ‘Volkorendorp’ Kreileroord

advertentie

INGEZONDEN – De Fries J. Feenstra had in 1956 een advertentie gelezen waarin de gemeente Wieringermeer een ‘dorpsarbeider’ vroeg voor een nieuw te bouwen dorp.

Dat leek Feenstra wel aantrekkelijk; hij solliciteerde, werd aangenomen en kon voorlopig in Wieringerwerf wonen. Op 21 januari 1957 kreeg hij als eerste bewoner van Kreileroord op feestelijke wijze de sleutel van een splinternieuwe woning overhandigd door de burgemeester. Feenstra was zo blij dat hij zijn volslanke echtgenote spontaan over de drempel van de nieuwe woning aan de Bollenstraat tilde.

Hoogovendorp
Kreileroord werd het vierde dorpje in de Wieringermeer naast Wieringerwerf, Middenmeer en Slootdorp. In 1956 werden er al 92 woningen en 4 winkelhuizen opgeleverd. Toen de eerste gezinnen arriveerden was nog niet alles voor elkaar. Straten waren nog niet geheel verhard en de rioolaansluiting werkte nog niet. De krant constateerde tevens: ‘Scholen en kerken ontbreken nog.’ Burgervader Omta vond dat Kreileroord een dorp met ‘welvarende’ landarbeiders moest worden. In de volksmond werd het dorp echter al enige tijd ‘Hoogovendorp’ genoemd. Daar wilde Omta niets van weten. Hij vond de bijnaam ‘Volkorendorp’ meer op zijn plaats. ‘Hoogovenarbeiders kunnen beter gaan wonen in Beverwijk. Dit is een dorp voor landarbeiders’ was zijn commentaar. Het gemeentebestuur trachtte vestiging van landarbeiders te stimuleren. Vestiging van anderen werd zelfs enige jaren tegengehouden. Maar een Kreileroorder merkte op: ‘Als je twee weken bij een boer werkt en hij je niet meer nodig heeft ga je naar het arbeidsbureau en dan kom je vanzelf wel bij de Hoogovens terecht.’

Arbeidsreserve
De Wieringermeerse akkerbouwers hadden tijdens de oogsttijd een groot tekort aan tijdelijke arbeidskrachten. De ‘arbeidsreserve’ in Wieringerwerf koos liever voor een vaste baan bij o.a. de Hoogovens. Begin jaren vijftig waren er veel handen nodig om het werk op het land te verrichten. Een campagne voor het nieuwe dorp in landelijke dagbladen trok voornamelijk Friezen die het wel zagen zitten een nieuwe woning te betrekken, waarbij ze tevens werk in ‘de Meer’ werd beloofd. Gemeentesecretaris Visser verklaarde later in de krant: ‘In 1955 moesten er nog 900 arbeidskrachten van buiten de Meer komen om de oogst binnen te halen, terwijl in 1957 de boeren slechts 3 arbeiders tekort kwamen. Dat was juist het jaar waarin Kreileroord bewoond ging worden.’ In korte tijd waren de oogstwerkzaamheden op spectaculaire wijze gemechaniseerd. Akkerbouwers hadden goed verdiend in de na-oorlogse jaren zodat zij gemakkelijk dure machines konden aanschaffen. De gewassen werden nu niet meer door een legertje landarbeiders geoogst maar er werd modern materieel ingezet. Werk dat kortgeleden werd gedaan door 20 mensen kon nu door 2 mensen worden gedaan.

Hoge huur?
Het waren prachtige eengezinswoningen waarvan de prijzen varieerden tussen 10 en 13 gulden. Ongeschoolde (land)arbeiders verdienden echter niet veel. Bovendien waren er veel van hen werkloos. Met een uitkering van zo’n 50 gulden per week kon een dergelijke huur niet worden opgebracht. Werklozen bleven liever wonen in de houten noodwoningen die kort na de oorlog werden gebouwd om het gebrek aan woningen in de Wieringermeer te compenseren. Die eenvoudige onderkomens kostten slechts 4-5 gulden. Het gevolg was dat in iedere Kreileroordse straat wel zo’n zes woningen leeg stonden. Wel gingen er bijvoorbeeld autobezittende vertegenwoordigers en -marinemensen wonen. Een deel van de woningen werd zoals voorspeld inderdaad door mensen bewoond die hun brood bij de Hoogovens verdienden. Iedere morgen werden zo’n 60 arbeiders naar de fabriek in Beverwijk vervoerd. Veel landarbeiders zaten werkloos thuis en zoals een Wieringermeerder meldde:’Er kwamen ook mensen wonen die meteen aan de slag konden bij werkverschaffingsprojecten.’

Foto: De eerste bewoners komen in Kreileroord wonen (21 januari 1957) Bron: (Nationaal Archief)

Kees Zwaan. Hollands Kroon

advertentie